Vogelvrij
Om snelheid te maken kom ik omhoog uit het zadel, rijd ik dus en danseuse, mijn volle gewicht leunt op de pedalen terwijl ik tussen mijn benen door naar het tandwiel achter kijk. Als dit een dans is, dan op zijn best de horlepiep. Langs mijn slapen voel ik het zweet omlaag lopen, in de binnenkant van mijn bril valt nu een druppel die, als hij zo opgedroogd is, een witte zoutvlek zal achterlaten. De ketting is nog maar een tandwiel verwijderd van het lichtste verzet en de weg voor mij doet vermoeden dat het niet lang zal duren voor ik de schakelhendel beweeg om de derailleur naar deze positie te brengen.
Op de vlucht
Voetje voor voetje schuift een lange rij mensen richting de controle. Zakenmensen in nette pakken met trolleykoffertjes als enige bagage voor hun korte reis kijken verveeld, gewend aan het vliegen door de vele reizen die ze maken. Ze staan in schril contrast tot de toeristen die, veelal gekleed in oncharmante maar wel comfortabele kleding zenuwachtig hun paspoorten controleren. Afwezig, alsof er verder niemand op het vliegveld is, kijk ik om me heen.

